dinsdag 31 oktober 2006

Rijles [1]

Vandaag had ik weer Rijles. Waarom ik nu pas, op toch enigszins belegen leeftijd pas probeer Rijbewijs B te halen is een heel verhaal. Het begon ermee dat ik dacht, 'voor B komt A'. Dus wilde ik indertijd eerst m'n motor halen, hetgeen mislukt is. De reden daarvoor is nogal verbijsterend, maar daar gaat het nu niet om.

Het leuke van Rijles is, behalve het autorijden, dat het vaak voor nogal amusante conversaties zorgt. En dat ik in de stad rijd die ik zó goed van de fiets ken. Dan zegt mijn instructrice:
"Even aandacht - wat kan er hier gevaar opleveren?"
"Ehh tsja… - Leuk zeg, hier rijd ik altijd op de fiets naar huis..."
"Juist. Fietsers! En wáár kijk je naar, dan?"
"Ehm - naar alle kanten."
Zucht...

Of we naderen een kruising.
"Susan, waar op moet je letten bij het naderen van deze kruising?"
"Op alles."
En:
"We gaan... Naar links."
"Wat - hier al?"
"Ja."
"Maar het regent zo hard."

Voorrang van rechts is ook heel grappig:
"Susan..., Susan, wie heeft er voorrang?"
"Ja, die auto van rechts."
"Precies. Waarom geef je hem dat dan niet?"
"Ja nou, die auto voor me reed toch ook gewoon door."

maandag 30 oktober 2006

Mijn eerste bijdrage

Als je gaat bergbeklimmen heb je een heleboel materiaal bij je. Veel van die materialen zijn van metaal en dus nogal zwaar. Dat betekent vanzelf dat je rugzak vaak ook nogal zwaar is. Eén keer was het echt zo erg, dat mijn zak 21 kilo woog. Bijna de helft van mijn eigen gewicht (53). Ik struikelde ermee op een bospad, en kwam bijna niet meer overeind.

Toen ik na een vakantie weer terug was in de stad was er iets vreemds aan de hand met mijn schouderblad. Dat veerde naar achter zodra ik mijn arm optilde om, bijvoorbeeld, een biertje te drinken. Dan stak het nogal raar uit. Ik ging ermee naar de huisarts - die mij doorverwees naar het ziekenhuis. De arts daar kon zijn geluk niet op: eindelijk zag hij deze kwetsuur 'in het echt'. Hij kende dit alleen van de boeken. Het was een soort van ontsteking, veroorzaakt door: het te veel dragen van te zware rugzakken.
Nadat hij mij verzekerd had van de onschuld van de blessure en vertelde dat het vanzelf over zou gaan, vroeg hij mij of ik tijdens een college wilde vertellen wat ik had, zodat zijn studenten het ook in het echt konden beleven.
Nou goed dan, als ik me maar niet zou hoeven uitkleden voor de klas. Dat beloofde hij. En: "Het is maar een klein klasje." Nou, dat was het helemaal niet, het was een enorme klas, met wel veertig artsen-in-opleiding.
Ik heb wat verteld en wat vragen beantwoord, het duurde misschien 5 minuten. Maar ik was enorm trots: ik had mijn eerste steentje bijgedragen aan de opleiding van studenten van de medische faculteit.

zondag 29 oktober 2006

7-gaten-zaag

Mijn eerste vaatwasser is zaterdag afgeleverd. Maar - vaatwassers hebben stroom nodig, water en een afvoer. Dat was er niet. Ja, stroom wel, maar water en afvoer moesten we nog even aanleggen. Dus, naar Gamma, voor de nodige onderdelen.

En hoe maak je een groot rond gat in de vloer? Inderdaad, met een 7-gaten-zaag. Een boortje met ronde zaagbladen, in 7 maten. Vandaar de naam. De oude was dusdanig kapot dat er een nieuwe moest komen. In de gauwigheid ben ik echter vergeten dat de vloer in de keuken een stuk dikker is dan in de kamer. M.a.w. de nieuwe 7-gaten-zaag kwam niet diep genoeg. En dus zat ik gisteren de halve avond onder de grond in de kruipruimte met een niet al te scherpe beitel en een hamer het gat dieper te tikken, want, in de keuken kon ik er niet bij vanwege verwarmingsbuizen. Echt leuk. Goed voor je doorzettingsvermogen ook.

Vandaag de riolering opengezaagd, en toen paste het T-stuk er niet tussen. Omdat er niet genoeg speling zat in de gehele buis, moest ik er nog een stuk afzagen. En zat intussen in de stank van de buren, hopende dat ze het niet in hun hoofd zouden halen de balkons te gaan schoonmaken, want dan zou... nou ja, dat laat zich raden.
Maar nu is alles voor elkaar. De waterleiding heeft Wouter gesoldeerd. Niet dat ik dat niet kan -ik heb het halve koud- en warmwatercircuit voor de badkamer aangelegd- maar de rollen moesten wel een beetje verdeeld worden.
Nu staat hij heerlijk te pruttelen en te zoemen. De vaatwasser bedoel ik.

zaterdag 28 oktober 2006

Geen blogspot

Tot mijn grote schrik was de hele .blogspot.com website donderdagavond om tien voor twaalf onbereikbaar. Had ik effe geluk dat ik mijn post van die dag ' s middags al gereed had! Je moet er toch niet aan denken te moeten cheaten, alleen omdat de website 'out of order' is en je dus niet op tijd kan posten! Want iedere dag, dat is mijn doel. Dat is al lastig genoeg, en dan moet je niet worden gefrustreerd door een 'internal server error 500'. Of zo.
Overigens, verder werkt het als een trein! Een hogesnelheidstrein wel te verstaan.

vrijdag 27 oktober 2006

Katers

Twee katers hebben wij. Hadden wij, want inmiddels hebben we er drie. Die twee komen uit het asiel in Amerongen. De eerste leek een schatje dat zijn voorpoten zo aandoenlijk onder de tralies had doorgestoken dat ik op slag verliefd werd. Dat het eigenlijk een monstertje was, bleek direkt al toen personeel van het asiel 'm probeerde te vangen en in onze mand te doen. Hij is nu bijna drie jaar bij ons en heeft nog geen één keer op schoot gezeten...

De tweede werd 'erbij gezocht' alsof het een woon-accesoire betrof. Hij was door deze keuze zo van streek dat 'ie direkt begon over te geven. Toch zijn ze beiden erg leuk, en je merkt echt dat ze ontzettend blij zijn weg te zijn uit dat verschrikkelijke beesten-internaat.

En de derde kwam aanlopen. Het begon met 's nachts illegaal door het kattenluik te kruipen en het eten van de eerste twee te jatten. Wegjagen had geen zin. Door ons niet, en ook de twee katers hielden 'm niet tegen. Na twee maanden besloten we 'm maar te houden, of beter, te tolereren.
Hij moest alleen wel een naam krijgen. Aangezien hij rood en dik is, overal vanaf valt, eigenlijk een beetje een ADHD-kater is en zich absoluut niet weet te gedragen was een naam snel gevonden. Hij heet Wuppie.

donderdag 26 oktober 2006

Blokfluit

Ik heb ook wat met muziekinstrumenten.
Zo heb ik bijvoorbeeld jarenlang blokfluit gespeeld. Het enige muziekinstrument dat mijn vader wenste te betalen voor mij. Ik wilde natuurlijk eerst harpiste worden. Dat mocht niet. Wel mocht ik lid worden van een kinderkoor. Ja, dag, daar had ik geen zin in. Zingen, dát was stom. O ja - en pianoles heb ik ook gehad, want, een piano, die hadden we immers al.
Toch bleek ik in zekere mate wel talent te hebben voor het bespelen van de blokfluit. Ik ging op voor diploma 1, maar speelde zo goed en vooral zo muzikaal dat ik meteen diploma 2 kreeg.

En echt leuk - leuker dan de gewone les - was het ensemble. Met z'n vieren: sopraan, alt, tenor en bas. We draaiden dan af en toe de rollen om. Dat was alleen voor de bespeler van de bas minder leuk, omdat dan soms de condens - dat heb je met blaasinstrumenten - van je voorganger door het koperen pijpje terugliep in jouw mond. Maar goed, ik speelde toch eigenlijk het vaakst alt of sopraan. Dat was de interessantste partij, want, de leidende partij. De partij waar het om ging. De belangrijkste dus.
Want de anderen, dat waren natuurlijk alleen mijn begeleiders.

woensdag 25 oktober 2006

Openbaar vervoer

Soms zit ik ook in een tram. Zo zat ik vandeweek in de tram, deed even m'n ogen dicht en moest denken aan de diverse trams en metro's waar ik zoal heb ingezeten in het buitenland. De metro in Boedapest bijvoorbeeld. die zo vreselijk diep is. En dus supersnelle roltrappen heeft. Of de tram in Praag, waar je bij iedere halte in het Tsjechisch en het Engels gewaarschuwd werd voor pickpockets. Of een schoolbus om zes uur op het Poolse platteland, de enige die ochtend, tussen tientallen schoolkinderen. Miste je hem, dan was je de klos tot één uur 's middags.

Maar er is één gebeurtenis die ik nooit zal vergeten.
In Roemenië waren we aangekomen bij het grootste en drukste treinstation dat ik ooit zag, Boekarest. We gingen de metro in. We moesten staan, we hadden grote rugzakken. Er was een tien- of elfjarige jongen die in verscheurde, bloederige kleren liep, op blote voeten, overal wonden op zijn handen, zijn voeten, zijn gezicht. Hij bedelde en kreeg een paar centen van reizigers.

Hij kwam naar ons toe. Ik wilde hem geld geven en deed een poging wat uit mijn broekzak te grissen. Maar de heupband van mijn rugzak zat in de weg, ik kreeg geen munten te pakken. Ja, ik voelde wat, maar dat vond ik te weinig, het moest meer zijn. Het duurde te lang, en uiteindelijk maakte ik een gebaar van sorry-ik-heb-niks. De jongen was zo hoopvol geweest, hij had gewacht ondanks dat dat gevaarlijk was, want bedelende kinderen werden zonder pardon uit de metro gegooid, of in elkaar geslagen. Dat wist ik allemaal. Hij was diep teleurgesteld, en terecht. De metro stopte en de jongen sprong weg, eruit. O, wat schaamde ik me. Met mijn dure rugzak en mijn dure bergschoenen...

dinsdag 24 oktober 2006

Ik wil een rijbewijs

Ik moest in Abcoude zijn. Gisterenavond. Met de trein.
Nou, dat heb ik geweten. Viel de heenweg al niet mee, de terugweg was een regelrecht drama.

Ik werd afgezet bij 'het station' van Abcoude, en moest naar Rotterdam. 'Station' is een groot woord voor dit ondergepiste, vervallen, winderige bouwval. Maar goed, mijn trein zou gaan om 23.06. 'Zou gaan'. want net toen ik naar huis belde, -ik kom eraan- werd er vrolijk omgeroepen: 'De trein van 23.06 uur naar Utrecht rijdt vandaag... niet'. Einde bericht. En flipflapfloep, de aangekondigde trein verdween van het blauwe bord. Niet vertraagd, nee, rijdt gewoon überhaupt niet.

Er zijn nog vier sporen in Abcoude. Op één ervan stond nog een trein aangekondigd, Alkmaar, zag ik vanuit de verte. Dus door de pistunnel naar de andere kant gelopen. Net toen ik het bord stond te bekijken werd er vrolijk omgeroepen: 'De trein van 23.36 uur naar Alkmaar rijdt vandaag niet'. En weer flipflapfloep. Alles weg. Niemand aanwezig, geen trein meer.
Niks meer. Godverdegodver. Wat nu? Geen geld voor een taxi, die er ook trouwens niet stonden.

Maar naar huis gebeld. Gelukkig - hij wilde mij ophalen!! Afgesproken, dus. En nu maar wachten, wachten, wachten. We hadden af en toe telefonisch contact, hij was in Gouda, voorbij Utrecht, vlakbij Abcoude. Na een uur -ik had 't intussen koud gekregen en liep een beetje rond- kwam er een politiewagen. Deze agenten vonden het nodig mij nauwlettend, tien minuten lang, vanuit hun warme auto in de gaten te houden, Alsof ik iets anders deed dan gewoon wachten. Alsof ik met een voorhamer de hele tent kort en klein aan het slaan was. Nou, ik had er wel zin in ja! Na anderhalf uur in de kou kwam mijn vriend eindelijk aangereden, in een hele warme auto...
Thuis, om kwart over een, heb ik de verwarming op 25 graden gezet. Ik ga nooit meer naar Abcoude! Al helemaal niet met de trein!

maandag 23 oktober 2006

Pech onderweg

Het was noodweer gisteren, op weg van Eindhoven naar Rotterdam.
Het was verdacht druk op de A16, zelfs een uur na middernacht.
We passeerden een benzinestation.
En daarna, over een afstand van nog geen twintig kilometer: zeven auto's met motorpech.
Zou dat gelegen hebben aan de brandstof die ze daar hadden getapt?

zondag 22 oktober 2006

Vroeger [2]

Toen ik een jaar of 17 was ging ik eens een regeltje graffity aanbrengen, en wel een politiek getinte leus.
Met een tas vol spuitbussen was ik midden in de nacht uit het ouderlijk huis ontsnapt om de tekst aan te gaan brengen in een, overdag, zeer druk fietstunneltje. Samen met een vriendin, die wat creatievers dan enkel een tekst van plan was, fietste ik de binnenstad in, zette fiets om de hoek en stapte zelfbewust de tunnel in.
Er was niemand. Een beetje bang voor de politie was ik wel... maar toen pakte ik de rode spuitbus en kalkte in grote letters mijn leus op de muur. Er kwam één fietser langs, die ik met een uiterst agressieve blik direkt heel snel wist te laten doorrijden...

Ik verborg snel mijn spuitbus, en liep naar achter om het resultaat te bekijken. Niet gek: heel duidelijk, mooi groot, goed leesbaar. 22 letters. Bijna vier meter breed. Trots liep ik terug naar de fiets. Maar toen groeide de twijfel, moest dat ene woord niet met een D in plaats van een T?? En: ja natuurlijk. Het werd al drukker, maar ja, zo'n goeie tekst met een spelfout: dat kon echt niet.
Dus liep ik terug en maakte van de T een D. Kwestie van een boogje eraan. Maar zoals we weten van het Groot Nationaal Dictee, de eerste ingeving is vaak de goede, zo ook toen. Dat realiseerde ik me direkt toen ik klaar was, het moest toch een T zijn! Maar ja, de D was al bijna gedroogd, en een witte spuitbus had ik niet bij me...

De volgende dag heb ik op klaarlichte dag om vijf uur, onder het toeziend oog van tientallen fietsers, de D weer in een T veranderd. Met een speciaal voor dit doel aangeschafte witte.
En niemand, die daar iets van durfde te zeggen.